Posts tonen met het label tilburg zuid jaren 50. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tilburg zuid jaren 50. Alle posts tonen

zaterdag 18 juni 2011

98. Straatstenen

In de Trompstraat lagen.... ik weet niet hoe die stenen heten, klinkers?, bakstenen op hun kant zeg maar. Soort bruin van kleur, in een visgraatpatroon. Dat was dus gewoon. In de Oerlesestraat (de melkvrouw vertelde ooit: ik zeg altijd oerleseweg of oerleselaan, dat klinkt niet zo gewoontjes als 'straat') lagen vierkante, zwarte stenen, ze zagen er uit als een soort geperste steenkool, glinsterend ook. Werd spiegelglad als het regende, ik heb die stenen ook nooit ergens anders zien liggen. En je had Makadamwegen, als wijsneus-jongen wist je dat die ontworpen waren door een schot: MacAdam. Asfalt had de toekomst, maar er waren ook autowegen van grijsbruine betonnen platen, gevoegd met een soort zwart-glimmend teer. Als je in de auto zat (gebeurde niet vaak, wij hadden geen auto) dan hoorde je steeds die bonk van de voegen. Net als in de trein. Want (als wijsneus ...) vanwege de werking van staal als het warm of koud werd, konden ze de spoorrails niet naadloos tegen elkaar aan leggen, dan zou het opbollen in de zomer, door de hitte van de zonnestralen. Dus in de trein ging het kadoem kadoem kadoem. Vertrouwd geluid. Nu is dat niet meer, ze hebben inmiddels geleerd om de spoorrails wél naadloos tegen elkaar aan te leggen.
Ik kan me uit mijn jeugd geen enkel stoplicht herinneren bij ons de buurt, maar wel een oranje knipperbol (bestaan niet meer) bij een zebrapad op de Schouwburgring.

zondag 22 mei 2011

94. Opgewekt ingeweckt

Wecken, dat deed ons moeder ook, tenminste toen we nog in de Trompstraat woonden. Tja, wie weet nog wat wecken is? Het was een heel procédé en het kwam vóór het conservenblikje. Wecken was een manier om fruit/groente te bewaren tijdens de winter, geloof ik. Dat fruit moest dan eerst bewerkt worden: appels geschild, gekookt?, tot appelmoes verwerkt? Ik schiet hopeloos tekort hier, van koken weet ik zo goed als niets, maar ik herinner me wel dat het een hele operatie was, dat er enorme hoeveelheden fruit/groente/appels/rabarber/peren? doorheen gingen, dat de keuken dagenlang witstond van de damp en dat de voltooiing enigszins heikel was, ik geloof dat ons moeder daar een beetje bang van was. De appelmoes ging in een weckfles (eigenlijk een soort pot, een dikke, glazen pot met een dikke rand met daarop weer een kleine, smalle rand) en die weckfles daar moest dan een deksel op, ook van glas, een soort glazen theeschoteltje, je ziet ze nu nog wel in nostalgiewinkels liggen. Met een richel. Die deksel paste natuurlijk precies op de weckfles, ja, dat ws niet toevallig. Tussen de deksel en de fles moest een rode, rubberen ring en de fles moest vacuum worden.
Hoe ging dat? Dat was precies het stukje waar ons moeder niets van moest hebben want het ging met iets, spiritus misschien, daar moest je een paar druppels van insprenkelen en dan moest je dat aansteken zodat het ontplofte, woesj, en in diezelfde beweging moest de deksel erop. De 'explosie' verbruikte alle zuurstof ('lucht' zeiden wij) en dan drukte de luchtdruk de deksel op de pot, met de rubberen ring als buffer zodat het niet ging splinteren. Als je hem open moest maken, peuterde je met je mespunt een beetje in die rubberen ring, net zo lang tot er lucht bij kwam en kwam het deksel met een zucht los.
In de winter stonden de kelderplanken vol met rijen weckflessen, maar ik kan me eigenlijk niet herinneren dat we de inhoud ervan ooit aten. Wel dat je zo'n fles openmaakte en soms was het dan mislukt, het wecken, dan zat er schimmel op. Van die grote, groengele ogen. Die schepten we er dan gewoon vanaf, want eten weggooien, dat deden wij niet.